top of page

Ik kies voor mijzelf

Iedereen heeft een eigen plek in het gezin van herkomst. Systemisch gezien is er een gezinshiërarchie: de ouders staan boven (lees verantwoordelijk voor) de kinderen, het oudste kind in lichte mate boven de andere kinderen en zo schuift dat door. Kinderen zijn nooit verantwoordelijk voor het lot van de ouders.

 

Ik kom uit een gezin met vier kinderen. Ik ben het derde kind en de eerste dochter. Ik heb twee oudere broers en een zusje. Mijn rol in het gezin was die van de bemiddelaar, de rol die vele als derde geborene innemen. Daarnaast was ik de eerste dochter. Aan deze eerste dochters wordt al gauw de taak wordt opgelegd om te helpen zorgen voor het gezin. In mijn pubertijd had ik een dubbelrol: Thuis was ik de behulpzame dochter. Op school de rebbelerende puber die geen autoriteit duldde, wat naast het normale gedrag van een puber werd versterkt door de rol van mijn vader in ons gezin. Thuis hield ik me in, omdat mijn moeder al genoeg zorgen had.

 

Door alle problemen in ons gezin en mijn vader die uit ons gezin verdween, ontstond er een voelbare verschuiving. Doordat mijn moeder het allemaal moeilijk aankon, voelde mijn oudste broer zich geroepen om de rol van vader op zich te nemen. Dit zorgde voor nogal wat wrijving met de andere kinderen. Ik deelde deze plek met mijn oudste broer en werd de behulpzame dochter die zichzelf wegcijferde, zodat het gezin zo goed mogelijk functioneerde en mijn moeder met iemand kon praten. Dit heb ik volgehouden tot na de havo en dacht hieraan te ontsnappen door in Groningen te gaan studeren. Maar tot na mijn moeders dood heb ik deze rol vervuld om het contact met mijn broers en zusje te behouden.

 

Verschil in verwerking kan voor isolement zorgen. De een uit een gezin wil er wel over praten en de ander kan het helemaal niet aan. Ook al kom je allemaal uit éen gezin, maar wanneer je niet bij machte bent om elkaar te vinden in het verdriet kun je je nog eenzamer voelen dan alleen.

 

Ook kan het zijn dat een zelfdoding een nabestaande ‘gevangen’ houdt in zichzelf. Wanneer je schaamte en angst voelt om er over te spreken, kan het overlijden een zelf opgelegd isolement worden. Het verlies heeft geen leefbare plek kunnen vinden in het eigen levensverhaal. Schaamte richt zich op je hele zijn.

 

Doordat mijn moeder me veel verteld heeft over hoe zij zich voelde, was ik er van overtuigd dat ze zichzelf heeft gedood. Ik heb geprobeerd er met mijn broers en zusje over te praten, maar ze wilden er niks van weten. Voor hen was ze aan een hartaanval overleden. Omdat ik me hierover niet gehoord voelde bij hen en de rest van de familie en vrienden, heb ik het verder gelaten, maar het is vele jaren aan mij blijven knagen en heeft er voor gezorgd dat ik me hierin heel eenzaam heb gevoeld.  

 

Als ik jaren later met mijn pasgeboren oudste dochter bij een nicht op bezoek ben, kan ik eindelijk mijn gedachten hierover kwijt. Mijn nicht maakt een opmerking over hoe jammer het is dat mijn moeder mijn dochter niet meemaakt. Ik schiet in mijn boosheid en zeg dat het volgens mij haar eigen keuze is geweest. Ik vertel haar dat mijn moeder naar mijn mening zelfdoding heeft gepleegd, want zoveel dingen kloppen niet. Waarom droeg ze een sjaaltje om haar hals in de kist? Ze droeg zoiets nooit. Ook alles wat ze me verteld heeft en wat ik van haar gezien heb in de jaren voorafgaand aan haar dood en vooral de laatste weken van haar leven was een optelsom waaruit ik concludeerde dat ze zelf voor de dood heeft gekozen.

 

In de laatste weken van haar leven moest mijn moeder naar het ziekenhuis voor een aderonderzoek in verband met de operatie om haar baarmoeder te laten verwijderen. Normaal gesproken is dit een standaardprocedure, maar bij haar gaat het mis. Ze bloedt zowat dood en ze vecht tegen de artsen die haar willen redden. Als ik haar daarna opzoek in het ziekenhuis vertelt ze er zelf over met een groot verlangen naar de dood. Ze vraagt me bij een volgend bezoek een mes mee te nemen, want het voelde zo fijn om dood te bloeden. Bij het afscheid vraagt ze me om voor mijn zusje te zorgen.

 

Mijn nicht vertelt me dat mijn vermoeden klopt en dat de hele familie het weet, inclusief mijn broers! Ik ben verbijsterd. Er gaan vele emoties door me heen, maar vooral ben ik kwaad, heel kwaad.

Omdat ik al heel lang geen contact heb met de meesten van mijn familie, brengt zij me in contact met de oom die als eerste was geroepen na haar overlijden. Hij vertelt me dat hij de doosjes waar de pillen inzaten heeft weggenomen. Dat hij een sjaaltje om heeft laten doen om de vlekken in haar nek te camoufleren, die een gevolg zijn van de dood door de pillen. De reden dat de waarheid niet gelijk na het overlijden is verteld, is dat hij en mijn broers, mij en mijn zusje wilden beschermen. Hij heeft geen idee van de impact van de leugen over het overlijden van mijn moeder.

 

De diepliggende behoefte van een persoon om bij zijn familiesysteem te horen is systemische binding. Om gesteund door het leven te gaan, is het belangrijk dat je vanuit je systeem van herkomst kunt ontvangen. Maar soms is het door een verstrikking noodzakelijk om het systeem van herkomst innerlijk, maar vaak ook werkelijk achter je te laten. Dit kan bijvoorbeeld zijn als dat systeem je onvoldoende veiligheid of ontwikkelingsmogelijkheden biedt. Alleen wanneer je uit deze verstrikking stapt kun je emotionele vrijheid ervaren en de ruimte krijgen om nieuwe relaties aan te gaan. Vanuit deze afstand van het familiesysteem kun je een nieuw eigen systeem creëren, ook al is dit moeilijk omdat je schuld kunt ervaren tegenover je systeem van oorsprong. Wanneer je het systeem van herkomst verlaat, kun je je verbinden met het grotere geheel en zo indirect, met de benodigde ruimte voor jezelf, met hen verbonden blijven.

 

De leugen rond haar overlijden, een familie die nooit naar me heeft omgekeken en mijn bemiddelende rol in mijn gezin van herkomst, waardoor ik mezelf zo lang heb weggecijferd, heeft er voor gezorgd dat ik mijn familiesysteem heb verlaten. Om te kunnen omgaan met de ‘schuld’ door mijn familiesysteem te verlaten, heb ik mijn eigen plek in het familiesysteem moeten innemen, namelijk die van kind. Om daadwerkelijk te kunnen vertrekken is het ook belangrijk dat ik kon buigen voor het lot van mijn vader en moeder. Dit heeft voor mij de ruimte gecreëerd en mij de kracht gegeven om mijn trauma’s met de bijbehorende emoties aan te kijken, mezelf te ontwikkelen en nog te ontwikkelen tot wie ik werkelijk ben. En te kiezen voor mijn gezin met mijn huidige partner.

 

© 2022 Rooz Steenks

Niets uit deze publicatie mag op welke wijze dan ook worden gebruikt of openbaar gemaakt zonder uitdrukkelijke toestemming van de auteur.

bottom of page